's-Gravendeel


Geschiedenis

Het dorp 's-Gravendeel ligt aan de oostelijke rand van de Hoeksche Waard, aan de rivier de Dordtse Kil. De geschiedenis van dit dorp begon met de inpoldering van de gorzen van Nieuw-Bonaventura. Op initiatief van de Staten van Holland vond op 2 maart 1590 in de Kamer van Rekeninge in Den Haag een vergadering plaats van een groot aantal bij de voorgenomen bedijking betrokken ingelanden29. De bedijking werd voltooid in december 159230. In januari 1593 begon men met de kaveling van de nieuw bedijkte gronden31. Reeds voor de verkaveling was de plaats van het nieuwe dorp 's-Gravendeel bepaald en was er zelfs al een stratenplan met erven opgesteld, die in eerste instantie door de grafelijkheid in erfpacht werden uitgegeven32. Op 23 mei 1594 werd het nieuwe ambacht gecreëerd.

's-Gravendeel bleef lange tijd eigendom van de Staten van Holland en West-Friesland. In 1731 verkochten zij het ambacht voor 28.500 gulden aan de stad Dordrecht33. Vooral in de zeventiende en achttiende eeuw kochten stadsregeringen heerlijkheden aan op naam van de stad. De stad moest dan een leenheffer of leenhouder aanstellen, op wiens naam de heerlijkheid werd gezet en bij wiens dood de voor de overgang van het leen verschuldigde hofrechten en heergewaden betaald moesten worden. Overigens regelde het stadsbestuur zelf en niet de leenheffer de administratie van het ambacht en van de inkomsten van de heerlijke goederen en rechten65. Het aanwijzen van de leenheffer had dus geen ander doel dan de Staten zekerheid te verschaffen dat zij niet de bij overgang van lenen verschuldigde hofrechten en heergewaden zouden mislopen66. Het Dordtse oudraadslid mr. Paulus Gevaerts was leenhouder van 's-Gravendeel67. Toen hij in 1771 overleed, nam mr. Pieter Pompe van Slingeland zijn funktie als leenheffer over. De burgemeesters en regeerders van Dordrecht wilden bovendien het veer van de ambachtsheerlijkheid over de Kil kopen34. Bij dit veer naar Wieldrecht stond het veerhuis, waar het 's-Gravendeelse dorpsbestuur vergaderde.

Voordat het kanaal door het eiland Voorne in 1831 geopend werd, zorgde de scheepvaart door de Kil voor veel werk, drukte, bloei en welvaart. Jaarlijks voeren hier zo'n vier- tot vijfhonderd zeeschepen en zo'n veertien- tot vijftienhonderd beurtschepen en andere binnenlandse vaartuigen. 's-Gravendeel was de lichtingsplaats van alle Oost- en Westindische schepen die naar Rotterdam moesten en wegens ondiepte van de rivieren niet tot die stad konden komen35. De goederen uit die schepen werden in 's-Gravendeel overgebracht aan boord van kleinere schepen.

Bij 's-Gravendeel horen ook de buurtschappen Schenkeldijk en de Wacht. De Wacht ontleent zijn naam aan een wachthuis van de admiraliteit. Het generaliteitscollege van de admiraliteit zetelde in Rotterdam. De schepen die door de Dordtse Kil voeren moesten hier belasting betalen. Het wachthuis werd bewoond door een paar landsambtenaren en sloeproeiers36.

Uit de literatuur bleek dat er enige kohieren van verponding bewaard gebleven zijn uit 1632 en 1732, met vermelding van het aantal huizen in het dorp28.

Notenlijst

28. J. W. Regt, Geschied- en aardrijkskundige beschrijving van den Hoekschen Waard, (Zwijndrecht 1849)
29. Stichting, 's-Gravendeel, 21.
30. Ibidem, 23.
31. Ibidem, 25.
32. Ibidem, 26.
33. Archief 3 Oudraad van Dordrecht (Gemeente archief Dordrecht, G.A.D.), inv. nr. 3.1914.
34. Archief Staten van Holland, (Algemeen Rijksarchief Den Haag, A.R.A.), inv. nr. 167, 20-11-1731.
35. Regt, Beschrijving van den Hoekschen Waard, 198.
36. Ibidem, 204.

 


Ambachtsheren

De heerlijkheid 's-Gravendeel werd in 1731 verkocht aan de stad Dordrecht. Leenheffers voor deze stad waren:

1731 Mr. Paulus Gevaerts
1771 Mr. Pieter Pompe van Slingeland
(Bron: gemeentearchief Dordrecht)

Schouten

Toen de ambachtsheerlijkheid 's-Gravendeel in 1731 verkocht werd, liet het Dordtse stadsbestuur de zittende schout en secretaris, Cornelis Bosveld, in funktie, mits deze een jaarlijkse recognitie zou betalen van 450 gulden69.

Schouten van 's-Gravendeel
1679-1707 Jacob(us) van der Merck
1707-1719 Hendrik Spronk
1719-1728 Simon van der Walle
1728-1755 Cornelis Bosveld
1756-1787 Paulus Bosveld
 

Waarom trad schout Jacob van der Merck af?

Jacob van der Merck was van goede komaf. Hij was zijn vader Matthijs van der Merck in 1679 opgevolgd als schout van 's-Gravendeel. Het schoutambt van 's-Gravendeel werd voor een periode van drie jaar door de Staten verpacht, ingaande in december. Jacob van der Merck moest voor deze funktie ieder jaar tien pond "vrijgeld" (recognitiegeld) betalen. Dit kontrakt werd jarenlang verlengd, totdat hij op 3 juni 1707 opeens vrijwillig afstand deed van zijn funktie. Het vreemde hiervan was, dat het kontrakt op 12 november 1706 nog voor drie jaar was verlengd!106 Het is natuurlijk mogelijk dat hij wegens familie-omstandigheden of gezondheidsredenen aftrad, maar vermoedelijk kon hij de tien pond per jaar niet meer opbrengen. Het bleek namelijk dat hij in die tijd schulden had107.

Hij leidde waarschijnlijk een turbulent leven. In 1714 werd hij betrapt met een getrouwde vrouw, Lijsbeth Vroman108. Deze dochter van een 's-Gravendeelse schepen was geen lieverdje. Zij lustte wel een slok en dit leidde uiteindelijk in 1720 tot haar dood. Toen zij dronken was, is zij in de Kreek verdronken109. De oud-schout heeft een vermogen van ongeveer 40.000 gulden gehad, maar in 1722 bleek dat daar niets meer van over was. Toen hij op 13 april 1722 begraven werd, moest zijn oudere broer Francois van der Merck dit betalen. Als zijn broer niet had betaald, dan had Jacob van der Merck van de armen begraven moeten worden110.

 

's-Gravendeelse schout afgezet

De 's-Gravendeelsche schout Simon van der Walle kwam niet als een sympathiek en eerlijk persoon uit het archief tevoorschijn. Van der Walle begon zijn carrière in de Hoeksche Waard op 28 september 1712 , toen hij de funkties van de overleden Willem de Voogd overnam. Hij werd secretaris en bode van de ambachten 's-Gravendeel en Wieldrecht en wachter van het spui op 's-Gravendeel en de Wacht111. Waarschijnlijk had hij voor een deel van deze ambten een plaatsvervanger.

De eerste kennismaking met hem gebeurde nog voor hij in 1719 schout van 's-Gravendeel werd. Op 31 januari 1715 verscheen er een vrouw voor de schout en schepenen van 's-Gravendeel, die een proces tegen Simon van der Walle begon. Haar naam was Geertruij van Huijssen en ze woonde in Dordrecht. Aan het gerecht van 's-Gravendeel vertelde zij wat haar was overkomen. Ze was "door wettelijke trouwbeloften geëngageert aan een zeker jongman van goede huize". In 1711, rond de tijd dat de Dordtse markt werd gehouden, beviel zij van een dochter. Haar kind en haar verloofde overleden echter. Daarna had zij zich zo gedragen, dat niemand wat op haar levenswijze kon aanmerken. Simon van der Walle, de secretaris alhier, had haar sedert een jaar verschillende malen verzocht om "vleselijke conversatie". Zij heeft steeds in alle eerbaarheid geweigerd. Pas toen hij beloofde met haar te trouwen gaf zij toe. Op 7 september 1714 baarde zij een zoon. Dit kind was echt van hem, maar Van der Walle weigerde met haar te trouwen. Hij beloofde dat hij haar en haar kind zou onderhouden, als zij zijn aanstaande huwelijk met een ander niet zou beletten. Zij zag wel in dat ze niet veel keus had, want ze had verzuimd alles op schrift te zetten en genoegen genomen met zijn "zo dierbare mondelinge trouwbelofte". Maar nu kwam Simon van der Walle deze belofte ook niet na, hij betaalde niets. Daarom eiste Geertruij van Huijssen zestig gulden kraamkosten en een wekelijkse alimentatie voor haar kind van twee gulden en tien stuivers, beginnende van de dag van geboorte tot het moment dat het kind voor zichzelf zou kunnen zorgen112.

Op 21 maart antwoordde Van der Walle niet. De schepenen ordonneerden de procureurs van de eiseres en de gedaagde ieder drie gulden en vijftien stuivers te betalen, zodat advies kon worden ingewonnen bij een onpartijdig rechtsgeleerde. Bij loting werden Leendert van Bommel en Melis Naaktgeboren aangewezen om deze zaak voor te leggen aan een jurist. Toen Simon van der Walle op 9 mei nog niet had geantwoord, besloten de schepenen dat hij hiertoe nog één kans kreeg op de volgende rechtdag, anders werd hij bij verstek veroordeeld.

De beslissing in deze rechtzaak werd genomen op 18 juli 1715. De schout en schepenen veroordeelden secretaris Van der Walle tot het betalen van dertig gulden voor de kraamkosten, zesentwintig stuivers wekelijks voor de educatie van het kind, beginnende met de dag van geboorte en eindigend met zijn achttiende jaar. Verder moest hij ook nog de kosten van deze rechtszaak betalen. Deze zaak eindigde op 22 augustus 1715, toen Geertruij van Huijssen moest zweren dat het kind van Simon van der Walle was en dat ze verder met niemand anders naar bed was geweest. Dit deed zij113.

Elf jaar later deed Van der Walle weer van zich spreken. Hij was inmiddels schout van 's-Gravendeel geworden. Op 17 september 1726 begon de Hoge Vierschaar van Strijen een proces tegen hem. Uit de notulen van 8 oktober van ditzelfde jaar bleek over welke twee zaken het ging114.

Het eerste punt werd duidelijk door het relaas van Hendrik van Esch, een veerman die in 's-Gravendeel woonde. In het voorjaar van 1722 ging hij naar het huis van Simon van der Walle om een belasting te betalen. Hendrik had namelijk uit de nalatenschap van zijn zwager Anthonij van Stralen een obligatie van duizend gulden geërfd. Hij vroeg de schout hoeveel hij hierover moest betalen. Simon van der Walle antwoordde hem: "U doet mij weleens een dienst, laat maar gaan, geef mijn vrouw maar een fooitje". Hendrik van Esch heeft haar toen vier rijksdaalders gegeven en de meid een gulden. In het begin van de zomer van 1726 had de schout tegen Van Esch gezegd dat er op het dorp gekletst werd over die vier rijksdaalders, het leek hem beter dat Hendrik toch zijn obligatie voor de belasting aangaf. Korte tijd daarna kwam Simon van der Walle met het veer uit Wieldrecht en ging naar het huis van Van Esch. Hij begon weer over het betalen van de belasting. Hij zou het wel regelen dat de vier rijksdaalders fooi aan zijn vrouw van het te betalen bedrag werden afgetrokken. Later had hij Hendrik van Esch een akte van aangeving laten tekenen, alsof deze pas nu de obligatie aangaf. Van Esch had hiertegen geprotesteerd, maar liet zich overhalen. Tegelijkertijd maakte de schout een akte op, waarin hij beloofde dat hij Van Esch zou helpen als deze problemen zou krijgen omdat hij de obligatie pas nu op 7 juli 1726 had aangegeven. Korte tijd later had de veerman het collatoraal van de obligatie voldaan. Hij had 55 gulden moeten betalen, maar de vier rijksdaalders fooi werden van dit bedrag afgetrokken.

De tweede fout beging schout Simon van der Walle op zaterdag 15 juni 1726. 's Avonds om negen uur kwamen Teunis Barendregt, een dienaar van de justitie van de Hoge Vierschaar van het land van Strijen en Andries van Strijen, die in Strijen woonde, naar het huis van Pleun den Dorst in Nieuw-Bonaventura. Toen deze twee binnen waren, kwam korte tijd later, uit een ander vertrek, Simon van der Walle bij hen. De schout vroeg Teunis Barendregt wat hij hier kwam doen. Deze antwoordde dat hij bij de boer eens wat kwam drinken. De schout begon toen zomaar opeens te schelden tegen hem, hij schold ook de stadhouder uit voor "opperste diefleijder" en sloeg Teunis115. Deze vertrok naar de wagen waarmee hij gekomen was. De schout volgde hem, trok zijn degen en stak hem hiermee in het hoofd, zonder dat Teunis Barendregt hiertoe enige aanleiding had gegeven.

De baljuw en zijn mannen concludeerden dat het eerste feit het bedriegen van het "Gemene Land" en het zich zodoende verrijken was, begaan door een schout en secretaris aan wie het ontvangen van de belasting is toevertrouwd. Het tweede feit was een afschuwelijke verwonding in louter kwaadaardigheid, zonder enige aanleiding toegebracht en wel aan een dienaar van de justitie door een schout, wiens plicht het is alle kwestiën te voorkomen. Beide zaken waren strafbaar.

De rechtzaak duurde nog maanden. Getuigen van beide partijen werden gehoord en er werd advies ingewonnen bij drie neutrale rechtsgeleerden. Pas op 23 september 1727 deed de hoge vierschaar uitspraak volgens eis: Simon van der Walle werd uit het schout- en secretarisambt van 's-Gravendeel gezet. Baljuw en mannen meenden dat hij onbekwaam was om enig schout- of secretarisambt in Holland en West-Friesland te bekleden. Uit krachte van artikel drie van de keur op het "mestrekken" in het Land van Strijen werd Van der Walle veroordeeld tot een boete van vijftig gulden. Bovendien moest hij de proceskosten betalen116.

Simon van der Walle probeerde nog via de Hoge Raad het vonnis te veranderen, maar dit lukte niet. Met ingang van 28 oktober 1728 kreeg Cornelis Bosveld toestemming om voorlopig en tot nader orde het schout- en secretarisambt waar te nemen117. Cornelis Bosveld bleef ruim vijfentwintig jaar schout van 's-Gravendeel.

Was de "foute" schout Van der Walle nu een uitzondering, had 's-Gravendeel het gewoon slecht getroffen met hem, of kwam het vaker voor dat schouten de mist in gingen? Onderzoek in onder andere de "sententien van het Hof van Holland" wees uit dat de 's-Gravendeelse schout geen uitzondering was. Er werden regelmatig bestuurders zoals schouten, maar ook baljuwen, afgezet om allerlei verschillende redenen.

 

Notenlijst

106.Archief van de Grafelijkheidskamer of rekenkamer, (A.R.A.), Registers van verpachting van officiën, inv. nr. 526, 12-11-1706. 107.Notarieel archief 's-Gravendeel (A.R.A.), inv. nr. 4588, 28-4-1707. 108.O.R.A. 's-Gravendeel (A.R.A.), inv. nr. 13, 12-10-1714. 109."Doodboek 's-Gravendeel", 4-11-1720. 110.Ibidem, 13-4-1722. 111.Archief rekenkamer, registers verpachting officiën, inv. nr. 527, 28-9-1712. 112.O.R.A. 's-Gravendeel, inv. nr. 42, 31-1-1715. 113.Ibidem, 22-8-1717. 114.O.R.A. Land van Strijen (A.R.A.), Criminele rol van de baljuw van den lande van Strijen, 1723-1752, inv. nr. 3, 8-10-1726. 115.De term stadhouder kan verschillende betekenissen hebben. Hier kan het echter niet om een Oranje gaan, want die waren toen niet aan de macht. Waarschijnlijk sprak hij over de schout van Strijen. 116.Ibidem, 23-9-1727. 117.Archief rekenkamer, registers verpachting officiën, inv. nr. 528, 28-10-1728.


Schepenen

Indien de namen uit één archiefstuk kwamen, is die volgorde van ondertekenen overgenomen. Kwamen de namen uit verschillende stukken, dan is de volgorde willekeurig.

1700 (ARA ORA 's-G 91, 3-5-1701, ORA 's-G 12, 9-6-1700, 27-10-1700, ORA 's-G 5, 16-7-1700, 6-9-1700)
Hendrik van Moerkercken
Arie Cornelisse Neeff
Teunis Reijnen van der Linde
Leendert Japhets in 't Veld
Willem Verkerk
Pieter Michiels Vervoorn
Gijsbert Jans van Es
1701 (ARA ORA 's-G 91, 1-6-1702)
Willem Verkerk
Jan Dirks van de Merwen
Joost Verrijp
Gijsbert van Es
Hendrik van Moerkerken
Joost Teunisse Maas
Bastiaan Vlasblom
1702 (ARA ORA 's-G 5, 17-6-1702, 5-9-1702, 22-2-1703,
ORA 's-G 91, 12-5-1703)
Arij Dirks Cranendonck
Dirk Dirks Quartel
Coen van der Linden
Joost Teunisse Maas
Abraham de Renoij
Leendert van Bommel
Willem Vrooman, overleden.
Hendrik Gruijter
1703 (ARA ORA 's-G 5, 25-10-1703, ORA 's-G 13, 1-3-1704,
23-4-1704)
Willem Verkerk
Japhet in 't Velt
Dirk Dirks Quartel
Christiaan Groote
Abraham de Renoij
Leendert van Bommel
Hendrik Gruijter
1704 (ARA ORA 's-G 13, 19-7-1704, 23-10-1704)
Willem Verkerck
Arij Pleune Droogendijck
Arij Wouters Vrooman
Coen Bastiaans van der Linden
Christiaen Groote
Japhet in 't Veld
Arij Maesdam
1705 (ARA ORA 's-G 5, 9-8-1705, 2-11-1705, ORA 's-G 13, 10-10-1705, 20-3-1706)
Arij Pleune Droogendijck
Coen Bastiaans van der Linden
Jan Dircks v.d. Merwe
Arij Maesdam
Joost Rijkhoek
Leendert van Bommel
Arij Wouters Vrooman
1706 (ARA ORA 's-G 5, 24-6-1706, 18-1-1707, 29-1-1707, ORA 's-G 13, 10-12-1736)
Aert Ariens Boender
Arij Jans de Vries
Leendert van Bommel
Joost Bastiaans Rijkhoek
Joost Arijens Wildeman
Jacob Boer
Arij Pleune Droogendijck
Jan Dircks v.d. Merwe
Dirck Dircks Quartel
Arij Wouters Vrooman
1707 (ARA ORA 's-G 91, 12-4-1708,27-4-1708,
ORA 's-G 13, 13-12-1707, ORA 's-G 6, 23-1-1708)
Arie Jans de Vries
Aart Ariens Boender
Joost Arijens Wildeman
Jacob Ingens Boer
Hendrik Claesen Gruijter
Bastiaen 't Jongh
Dirck Dircks Quartel
1708 (ARA, ORA 's-G 13, ..-8-1708, 8-12-1708, ORA 's-G 6,
21-6-1708, 28-7-1708, 10-12-1708)
Aert Ariens Boender
Pieter Davids Bijl
Hendrik Gruijter
Dirck Cornelisse Quartel
Japhet in 't Veld
Cornelis Verrijp
Arij Wouters Vrooman
1709 (ARA ORA 's-G 91, 29-4-1710, ORA 's-G 13, 3-6-1709, 10-7-1709, 22-5-1710)
Hendrik Ariens Huijsert
Hendrik Gruijter
Pieter Davids Bijl
Dirck Cornelisse de Quartel
Arij Wouters Vrooman
Jan Jaspers de Heer
1710 (ARA ORA 's-G 6, 13-7-1710, 15-11-1710, 11-2-1711, ORA 's-G 13, 24-9-1710, 5-4-1711, ORA 6?? 23-12-1710)
Pieter Davids Bijl
Hendrik Gruijter
Jan Jaspers de Heer
Arij Dirks Quartel
Coen Bastiaans van der Linde
Andries Vervoorn
Dirck Vroman
1711 (ARA OORA 's-G 91, 2-11-1711)
Leendert van Bommel
Pieter Davids Bijl
Andries Vervoorn
Hendrik van Leent
Melis Naaktgeboren
Cornelis Ariens Boer
Arij Cornelisse v.d. Giessen
Hendrik Gruijter, prov. schout
1712 (ARA ORA 's-G 13, 5-6-1712, 1-11-1712, 5-5-1713, ORA 's-G 6, 26-6-1712)
Cornelis den Boer
Arij Cornelisse v.d. Giessen
Pleun v.d. Griend
Hendrik Claesen Gruijter
Melis Naaktgeboren
Hendrik van Leent
Leendert van Bommel
1713 (ARA Weesk. 's-G 2, 1-2-1714) volgorde klopt
Hendrik Claesen Gruijter
Andries Vervoorn
Hendrik van Leent
Cornelis den Boer
Arij Cornelisse van der Giessen
Pleun van de Griend
Dirck Fransse van Waardenburg
1714 (ARA ORA 13, 19-6-1714, 12-10-1714, 13-2-1715, 13-4-1715)
Leendert van Bommel
Melis Naaktgeboren
Leendert Corsse van Roon
Jacob Snaijer
Andries Pietersz. Vervoorn
Dirk Fransse van Waardenburg
Hendrik van Leent
1715 (ARA ORA 's-G 13, 30-7-1715) volgorde klopt
Leendert van Bommel
Joost Rijkhoek
Andries Pieters Vervoorn
Leendert Corsse van Roon
Jacob Snaijer
Steven de Kreeck
Geeraet Vrooman
1716 (ARA ORA 's-G 91, 10-6-1716, ORA 's-G 13, 16-6-1716)
Christiaen Groote
Joost Rijkhoek
Jan Jaspers de Heer
Arij Dirckse Quartel
Steven de Kreeck
Bastiaen van der Linde
Geeraet Vrooman
1717 (ARA ORA 's-G 6, 1-6-1717, ORA 's-G 91, 16-3-1718)
Joost Arijens Wildeman
Joost Rijkhoek
Geeraet Vrooman
Steven de Kreeck
Leendert Corsse van Roon
Leendert de Voogd
Leendert van Bommel
1718 (ARA ORA 's-G 6, 3-8-1718, 3-10-1718, 10-12-1718)
Joost Teunisse Maas
Leendert van Bommel
Jan Jaspers de Heer
Leendert Corsse van Roon
Leendert de Voogd
Arij Dirks Quartel
Joost Arijens Wildeman
1719 (ARA ORA 's-G 6, 30-6-1719, 5-7-1719, 25-9-1719)
Arie Cornelisse vd Giessen (ONA 's-G 4589, 2-9-1719 boek 's-G)
Jan Geervliet/Johannes Geervliet
Jan Jaspers de Heer
Joost Teunisse Maas
Dirk de Leeuw
Steven de Kreek
Dirck Cornelisse Quartel
1720 (ARA ORA 's-G 91, 1-2-1721, 10-7-1720)
Japhet in 't Veld
Steven de Kreeck
Arij Maesdam
Johan(nes) Geervleit
Dirk de Leeuw
Mels Aertoom
Andries Vervoorn
1721 (ARA ORA 's-G 6, 11-12-1721, ORA 's-G 91, 5-11-1721,
ORA 's-G 102, 9-4-1722)
Mels Pieters Aertoom
Paulus Geervliet
Arij Huijser
Arij Maasdam
Melis Naaktgeboren
Japhet in 't Veld
Andries Vervoorn
1722 (ARA ORA 's-G 91, 1-7-1722, 29-10-1722,
ORA 's-G 102, 18-2-1723) volgorde onbekend
Joost Arijens Wildeman
Arij Cornelisse v.d. Giessen
Arij Huijser
Paulus Geervliet
Wouter Jans v.d. Giessen
Pleun Cornelisse Dorst
Melis Naaktgeboren
1723 (ARA ORA 's-G 102, 29-5-1723) volgorde onbekend
Pleun Cornelisse Dorst
Arij Cornelisse v.d. Giessen
Wouter Jansz. v.d. Giessen
Frans Dirkse van Waardenburg
Joost Arijens Wildeman
Meeuwis de Leeuw
Arij Maasdam
1724 (ARA ORA 's-G 91, 17-2-1725, ORA 's-G 102, 12-10-1724)
Arij Maasdam
Andries Vervoorn
Arij Huijser
Frans Dirkse van Waardenburg
Meeuwis de Leeuw
Bastiaan Boender
Jan Arien Barendregt
1725 (ARA ORA 's-G 6, 25-5-1725, ORA 's-G 102, 27-4-1726, 3-5-1726, 23-5-1726)
Jan Ariens Barendrecht
Bastijaen Boender
David Bijl
Mr. Cornelis Geervliet
Arij Huijser
Andries Vervoorn
Frans van Waardenburg
1726 (ARA ORA 's-G 6, 20-8-1726, ORA 's-G 91, 26-4-1727, 28-4-1727, ORA 's-G 102, 28-9-1726, 5-11-1726, 8-5-1727)
Wouter Jans v.d. Giessen
Frans van Waardenburg
David Bijl
Cornelis Geervliet
Jacob Jans Meijboom
Jan van Tricht
Joost Arijens Wildeman
1727 (ARA Weesk. 's-G 18-9-1727, ORA 's-G 102, 19-4-1728)
Volgorde 1 tm 6 klopt, 7 uit ORA 102.
Wouter Jansz. v.d. Giessen
Frans van Waardenburg
Jacob Jans Meijboom
Jan Jans de Heer
Pieter van Rossum
Dirk Hendriks van Leent
Jan van Tricht
1728 (ARA ORA 's-G 91, 29-6-1728, ORA 's-G 102, 20-9-1728)
Wouter Jansz. v.d. Giessen
Frans van Waardenburg
Jacob Jans Meijboom
Jan van Tricht
Jan Jans de Heer
Pieter van Rossum
Dirk van Leent
1729 (ARA ORA 's-G 16, 18-6-1729) volgorde klopt
Frans van Waardenburg
Jan van Tricht
Jacob Jans Meijboom
Jan Jans de Heer
Pieter van Rossem
Dirk van Leent
Wouter Jans van der Giessen
1730 (ARA ORA 's-G 16, 6-6-1730, ORA 's-G 6, 15-6-1730, 23-3-1731)
Bastijaen Boender
Wouter Jansz. v.d. Giessen
Jan Jansz. de Heer
Jacob Jans Meijboom/Maijboom
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Frans van Waardenburg
Dirk van Leent
1731 (ARA ORA 's-G 91, 5-4-1732) volgorde klopt
Frans van Waardenburg
Jan van Tricht
Jan Jans de Heer
Pieter van Rossum
Dirk van Leent
Jacob Mookhoek
Bastijaen Aarts Boender
1732 (ARA ORA 's-G 6, 9-6-1732, 23-6-1732, 25-10-1732, 4-12-1732, 3-2-1733)
Bastijaen Boender
Jan de Heer
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Frans van Waardenburg
Jan van Tricht
Dirk van Leent
1733 (ARA ORA 's-G 6, 6-6-1733, 13-6-1733, 21-7-1733, 5-4-1734, 13-5-1734)
Bastijaen Boender
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Arie Jans van Soest
Dirk van Leent
Arie Joosten Wildeman
Willem Kreuljer
1734 (ARA ORA 's-G 91, 7-10-1734)
Willem Kreuljer
Arie Jans van Soest
Arie Joosten Wildeman
Bastiaen Janse Kuijp
Hendrik de Bruijn
Jafet in 't Velt
Huijbert van Rossum
1735 (ARA ORA 's-G 6, 16-6-1735, ORA 's-G 91, 9-6-1735)
Bastiaen Janse Kuijp
Hendrik de Bruijn
Jafet in 't Velt
Huijbert van Rossum
Pleun den Dorst
Bastijaen Aerts Boender
Pieter Vervoorn
1736 (ARA ORA 's-G 91, 1-12-1736) volgorde klopt
Pleun den Dorst
Bastijaen Aerts Boender
Pieter Vervoorn
Jan van Tright
Jacob Ariens Mookhoek
Aelbert Teunisse Boer
Willem Kreuljer
1737 (ARA ORA 's-G 19, 13-2-1738) volgorde klopt
Jan van Tricht
Jacob Ariens Mookhoek
Aelbert Teunisse Boer
Willem Kreuljer
Leendert Korp
Arie Jans van Soest
Bastiaen Jans Kuijp
1738 (ARA ORA 's-G 19, 7-6-1738, 3-7-1738, 25-8-1738,
21-11-1738, 3-12-1738)
Pieter van Rossem
Bastijaen Boender
Pleun den Dorst
Leendert Korp
Bastijaen Jans Kuijp
Arie Jans van Soest
Arie Joosten Wildeman
1739 (ARA ORA 's-G 19, 2-6-1739, 30-12-1739)
Pieter van Rossem
Bastijaen Boender
Pleun den Dorst
Jan van Tricht
Aelbert Teunisse Boer
Willem Kreuljer
Arie Joosten Wildeman
1740 (ARA ORA 's-G 91, 16-9-1740) volgorde klopt
Bastijaen Boender
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Willem Kreuljer N.B. ORA 's-G 19 ook Leender Korp !
Hendrik de Bruijn
Abraham Verhagen
Cornelis Jongekrijg
1741 (ARA ORA 's-G 7, 23-5-1741, 8-6-1741, 5-7-1741)
Pleun den Dorst
Pieter van Rossum
Leendert Korp
Bastiaan Kuijp
Bastijaen Boender
Arie Jans van Soest
Dirk Joosten Wildeman
1742 (ARA ORA 's-G 7, 15-5-1742, 26-5-1742, 25-6-1742,
10-7-1742)
Bastiaan Aerts Boender
Pleun den Dorst
Jacob Ariens Mookhoek
Arie Joosten Wildeman
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Willem Kreuljer
1743 (ARA ORA 's-G 7, 21-6-1743)
Bastijaen Boender
Aelbert Boer
Pleun Dorst
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Arie Jans van Soest
Jan van Tricht
Arie Joosten Wildeman
Willem Kreuljer
Leendert Korp
1744 (ARA ORA 's-G 7, 30-5-1744, 11-6-1744, 7-7-1744)
Aelbert Boer
Pleun den Dorst
Leendert Korp
Pieter van Rossum
Dirk Joosten Wildeman
Arie Jans van Soest
Bastijaen Boender
1745 (ARA ORA 's-G 7, 14-6-1745, 27-11-1745, 7-4-1746,
25-4-1746)
Bastiaen Aerts Boender
Pleun den Dorst
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Willem Kreuljer
Jan van Tricht
Dirk Joosten Wildeman
1746 (ARA ORA 's-G 7, 1-12-1746, 13-2-1747, 17-2-1747,
18-2-1747)
Bastijaen Boender
Aelbert Boer
Pleun Dorst
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Bastiaan Rijkhoek
Arie Jans van Soest
Jan van Tricht
Dirk Joosten Wildeman
Leendert Korp
Willem Kreuljer
1747 (ARA ORA 's-G 7, 22-6-1747, 23-9-1747, 20-11-1747)
Bastijaen Boender
Aelbert Boer
Pleun den Dorst
Arij van Holst
Jacob Ariens Mookhoek
Pieter van Rossum
Bastiaan Rijkhoek
Arie Jans van Soest
Jan van Tricht
Leendert Korp
1748 (ARA ORA 's-G 7, 25-6-1748, 15-1-1749, 14-2-1749)
Bastijaen Boender
Pleun den Dorst
Pieter van Rossum
Bastiaan Rijkhoek
Arie Jans van Soest
Leendert Korp
Aalbert Boer
1749 (ARA ORA 's-G 7, 23-9-1749, 3-12-1749, 13-12-1749,
7-2-1750)
Bastijaen Boender
Aelbert Boer
Pleun Dorst
Pieter van Rossum
Bastiaan Rijkhoek
Arie Jans van Soest
Leendert Korp
1750 (ARA ORA 's-G 22, 1-4-1751) volgorde klopt
Bastijaen Boender
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Willem Kreuljer
Hendrik de Bruijn
Abraham Bastiaans Verhagen
Cornelis Jongekrijg
1751 (ARA ORA 's-G 22, 10-6-1751, 19-7-1751, 27-8-1751, 2-12-1751)
Bastijaen Boender
Hendrik de Bruijn
Cornelis Jongekrijg
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Abraham Bastiaans Verhagen
Willem Kreuljer
1752 (ARA ORA 's-G 7, 15-11-1752, ORA 's-G 22, 15-7-1752,
13-12-1752, 26-2-1753)
Bastijaen Boender
Hendrik de Bruijn
Cornelis Jongekrijg
Pieter van Rossum
Jan van Tricht
Abraham Bastiaans Verhagen
Willem Kreuljer
1753 (nom. Dordt)
Hendrik de Bruijn 4 (jaren in funktie?)
Cornelis Jongekrijg 4
Willem Kreuljer 4
Arie Jans van Soest 1
Aelbert Boer 1
Huijbert van Rossum 1
Bastiaen Kuijp 1
1754 (Dordt ondertek.)
Arie Jans van Soest gaat af
Bastijaen Kuijp
Huijbert van Rossum
Aelbert Boer gaat af
Leendert Korp
Hendrik in 't Veld
Dirk Joosten Wildeman
1755 (nom. Dordt/'s-G. ORA 91 27-3-1756)
Huijbert van Rossum
Bastijaen Kuijp
Leendert Korp
Dirk Joosten Wildeman
Hendrik in 't Veld
Hendrik de Bruijn \
Leendert Tak / in plaats van afgegane twee vorig jaar.
1756 (ARA nom. + electie)
Huijbert van Rossum
Hendrik in 't Veld
Hendrik de Bruijn
Leendert Tak
Pieter Vervoorn
Cornelis Kettingh
Pieter de Ruiter
1757 (ARA electie + nom.)
Huijbert van Rossum
Hendrik in 't Veld
Hendrik de Bruijn
Leendert Tak
Pieter Vervoorn
Cornelis Kettingh
Pieter de Ruiter
1758 (G.A.Dordt 3.2225 16-7-1758)
Hendrik in 't Veld
Leendert Tak
Pieter Vervoorn
Cornelis Kettingh
Jan Meijboom
Aelbert Boer
Pieter de Ruiter
1759 (ARA ORA 's-G 91, 19-5-1760)
Hendrik in 't Veld
Pieter Vervoorn
Cornelis Ketting
Pieter de Ruiter
Jan Meijboom
Arie van Soest
Willem Kreuljer
1760 (ARA nom. + electie)
Cornelis Ketting
Jan Meijboom
Arie van Soest
Willem Kruljer
Cornelis Jongekrijg
Jacobus de Leeuw
Pieter de Heer
1761 (ARA nom. + electie)
Arie van Soest
Willem Kreuljer overleden
Cornelis Jongekrijg
Jacobus de Leeuw
Pieter de Heer
Abraham Bastiaans Verhagen
Bastijaen Boender
1762 (ARA ORA 's-G 91 16-5-1763)
Bastijaen Boender
Pieter de Heer
Cornelis Jongekrijg
Jan Meijboom
Huijbert van Rossum
Arie van Soest
Abraham Bastiaans Verhagen
Gerard Vermeulen
Adolph de Voogd
Jacobus de Leeuw
1763 (ARA nominatie)
Jacobus de Leeuw
Pieter de Heer
Abraham Bastiaans Verhagen
Bastijaen Boender
Adolph de Voogd
Cornelis Kettingh
Jan Meijboom
1764 (ARA nominatie)
Abraham Bastiaans Verhagen
Bastijaen Boender
Adolph de Voogd
Cornelis Kettingh
Jan Meijboom
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
 
 
1765 (ARA nominatie + electie)
Adolph de Voogd
Cornelis Kettingh
Jan Meijboom
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Cornelis Jongekrijg
Leendert den Boender
1766 (ARA nominatie + electie)
Jan Meijboom
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Cornelis Jongekrijgh
Leendert den Boender
Jacobus de Leeuw
Aart van Soest
1767 (ARA electie)
Bastiaan Naaktgeboren
Cornelis Jongekrijgh
Leendert den Boender
Jacobus de Leeuw
Aart van Soest
Abraham Bastiaans Verhagen
Huig Tak
1768 NIETS
Leendert Boender
Hendrik de Bruijn
Cornelis Jongekrijg
Bastiaan Naaktgeboren
Aart van Soest
Huig Tak
Abraham Bastiaans Verhagen
Adolph de Voogd
1769 (ARA nominatie + electie)
Aart van Soest
Abraham Bastiaans Verhagen
Huig Tak
Adolph de Voogd
Teunis Noteboom
Aelbert Boer
Hendrik de Bruijn
1770 Onduidelijk, nominatie Dordt?of is die van 1769???
Leendert Boender
Aelbert Boer
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Huijbert van Rossum
Pieter de Ruiter
Aart van Soest
Huig Tak
Abraham Bastiaans Verhagen
Laurens Visser
Adolph de Voogd
1771 (ARA nominatie)
Teunis Noteboom overleden
Aelbert Boer
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
Cornelis Jongekrijg
Leendert Boender
1772 (ARA nominatie + electie)
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
Cornelis Jongekrijg
Leendert Boender
Abraham Bastiaans Verhagen
Andries Vervoorn
1773 (ARA nominatie + electie)
Leendert Boender
Abraham Bastiaans Verhagen
Andries Vervoorn
Adolpe (Adolp E??) de Voogd
Huig Tak
Aelbert Boer
Geeme van Vliet
1774 (ARA nominatie + electie)
Adolph de Voogd
Huig Tak
Aalbert Boer
Geem van Vliet
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
1775 (ARA nominatie + electie)
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
Cornelis Jongekrijg
Abraham Bastiaans Verhagen
Leendert Boender
Andries Vervoorn
1776 (ARA electie)
Cornelis Jongekrijg
Abraham Bastiaans Verhagen
Leendert Boender
Andries Vervoorn
Huig Tak
Geeme van Vliet
Johannes Geervlied
1777 (ARA in functie zijn + electie)
Andries Vervoorn
Huig Tak
Geeme van Vliet
Johannes Geervlied
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
1778 (ARA nominatie + electie)
Johannes Geervliet
Hendrik de Bruijn
Bastiaan Naaktgeboren
Laurens Visser
Cornelis Jongekrijg
Abraham Bastiaans Verhagen
Leendert Boender overleden
1779 (ARA electie)
Johannes Geervliet
Cornelis Jongekrijg
Abraham Bastiaans Verhagen
Andries Vervoorn
Huig Tak
Dirk Boer
Cornelis van Gink
1780 (ARA electie)
Johannes Geervliet
Abraham Bastiaans Verhagen
Andries Vervoorn
Huig Tak
Dirk Boer
Cornelis van Gink
Pieter Schildmans overleden 1783/4


Vertrokken personen

werk in uitvoering


 
Copyright Martine Zoeteman 1997-2001 ©
Laatste wijziging: zondag 20 april 2003